Het eerste uur: je valt sneller in slaap
Alcohol werkt verdovend, dus je valt vlotter in slaap. Dat voelt als goed slapen, maar het is eerder buiten westen raken dan natuurlijk inslapen.
Veel mensen drinken juist om beter te slapen. In de praktijk gebeurt het omgekeerde: je valt sneller in slaap, maar de kwaliteit van je nacht daalt fors.
Alcohol werkt verdovend, dus je valt vlotter in slaap. Dat voelt als goed slapen, maar het is eerder buiten westen raken dan natuurlijk inslapen.
Je lichaam breekt de alcohol af en onderdrukt intussen de REM-slaap. Juist die fase verwerkt emoties en geheugen. Daarom voel je je de dag erna vlak of prikkelbaar.
Als de alcohol is afgebroken slaat je slaap om in een lichte, onrustige fase. Wakker worden tussen drie en vijf uur, zweten en een droge mond horen daarbij.
Je hebt genoeg uren gelegen maar te weinig diepe en REM-slaap gehad. Vandaar de mist, de trek in suiker en de korte lont.
Bij het inslapen wel, bij het doorslapen niet. Alcohol onderdrukt de REM-slaap en maakt de tweede helft van de nacht onrustig, dus je slaapkwaliteit daalt netto.
Houd minimaal drie tot vier uur aan tussen je laatste glas en bedtijd. Je lichaam breekt ongeveer één glas per uur af.
Als de alcohol is uitgewerkt volgt een terugslag: je lichaam maakt meer stresshormonen aan en je slaap wordt licht. Daardoor schrik je halverwege de nacht wakker.
De eerste paar nachten kunnen rommelig zijn. De meeste mensen merken na ongeveer een week verschil en slapen na drie tot vier weken duidelijk dieper.
Helder laat zien hoeveel alcoholvrije nachten je al hebt en welke herstelmijlpalen je passeert.
Start je teller